Mud als familienaam

Het is niet altijd even duidelijk waarop men in 1811/1812 een familienaam heeft gebaseerd. Velen hadden er al een, anderen gebruikten alleen een patroniem, wat zeker in Fryslân vaak voorkwam. Iedereen moest in die jaren op Frans bevel aangeven welke achternaam hij in het vervolg ging gebruiken als familienaam. In Smallingerland en Opsterland kwamen een aantal personen opdagen die zich in het vervolg Mud wilden noemen. In Bakkeveen nam Sjoerd Oedzes de achternaam Mudtje aan, maar zijn nakomelingen noemden zich later Feenstra.  In Surhuisterveen woonde in 1805 in een “hutte” ook nog een zekere Wopke Eelkes die in de wandeling Wopke Mud werd genoemd, maar in 1811/1812 wordt hij niet meer vermeld.

De meeste personen in Opsterland en Smallingerland die in 1811/1812 de familienaam Mud aannamen zijn kinderen van Jan Arends uit Drachten. Ook diens broer Arend Arends nam dezelfde familienaam aan. Jan Arends en Arend Arends zijn kinderen van Arend Jans. Sommigen uit deze familie noemden zich later De Jong of Mudstra, de meesten bleven Mud als familienaam gebruiken.

Hoe kwamen ze tot die naam? Zelf ga je er een idee bij vormen. In Fryslân kennen we het woord “murd”, vertaald is dat bunzing. Je spreekt het uit als “mud”. Zouden al die mannen, of hun vader, iets met de bunzingsjacht (“murdejeie”) te maken hebben gehad?. Je zou het bijna gaan denken. De bunzing werd als schadelijk gezien door de agrariërs en regelmatig werd er zo’n jacht georganiseerd. Je moest daarbij wel uitkijken niet door een sproeiende bunzing te worden getroffen. Dat moest het wel zijn, die relatie met de bunzingsjacht, dacht ik zo. Jezelf naar een mud aardappelen noemen ligt niet erg voor de hand.

Maar soms ontdek je een oude benaming in een archief die een ander licht op de zaak doet schijnen. In een hypotheekboek uit de grietenij Tietjerksteradeel vond ik een praamsbrief uit het jaar 1767 waarin Jan Oeges uit Garijp, gesteund door zijn vader Oege Jans, verklaarde 375 caroliguldens schuldig te zijn aan Jan Eijberts (Egberts) wonende in Rottevalle onder het behoor van Noorderdrachten ter zake van de koop van een praam. Jaarlijks zou er 50 gulden worden afbetaald plus de rente van 5 procent.

In de akte staat vermeld de “overdragte van een praam, in de wandelinge een mudt genaamd”. “In de wandelinge” betekent hier zoiets als “in de volksmond”. Een mud was dus een praam, het type is me onbekend. Uit het Engels kennen we wel het woord mud-bark, ofwel modderpraam, maar zo Engels zullen ze destijds in Rottevalle niet georiënteerd zijn.

praam alias mudt

praam alias mudt

Zeker is het nooit, je kunt het ze niet meer vragen, maar het zou best wel eens de benaming van dit soort praam, de mudt of mud, geweest kunnen zijn die de Jan Arends- / Arend Arends-familie heeft doen besluiten deze familienaam aan te nemen. Van der Schuit of Praamstra komt ook voor als achternaam. Mud kan dus net zo goed ook van een vaartuig, een praam, zijn afgeleid.

, , , , , , , , ,

  1. #1 door groninganus op 28/07/2016 - 19:51

    Nooit tegengekomen in Groninger bronnen. Volgens de registers achterin ook niet voorkomend in G.J. Schutten, Verdwenen schepen (diss RuG 2004).

  2. #2 door Walraven Koster op 29/07/2016 - 12:06

    In het artikel wordt ook de naam ‘Mudstra’ genoemd, in principe dus mud als locatie. Dat versterkt het idee achter het vaartuig.

%d bloggers op de volgende wijze: